Verbale communicatie

Bij verbale communicatie zorgen de intonatie (hoe zeg je het) en de woordkeus (wat zeg je) voor de manier waarop jouw boodschap bij de ander overkomt en hoe hij of zij deze interpreteert. Verbale communicatie kan dan ook zowel betrekking hebben op de inhoud als op de context (de betrekking).

Intonatie bestaat uit:

  • Volume. Hoe hard of hoe zacht zeg je iets? Sommige woorden of zinnen spreken we harder uit dan andere en de ene persoon praat harder dan de ander.
  • Snelheid. Praat je snel of langzaam? Afhankelijk van de primaire representatiesystemen die iemand gebruikt, zal hij of zij sneller of langzamer spreken. Generaliserend kan je zeggen dat visueel ingestelde personen sneller praten omdat de beelden in hun hoofd die ze proberen te verwoorden elkaar vaak snel opvolgen.
  • Ritme. Praat je soepel en vlot of met horten en stoten? Ritmes kunnen ook geografisch bepaald zijn. Een limburger heeft vaak een ander communicatieritme dan iemand uit de Randstad.
  • Toonhoogte. Praat je monotoon of speel je met diverse klanken en toonhoogtes?

    Wil je het hele artikel lezen? Log dan hier in. Nog geen profiel? Maak er hier gratis je profiel aan.